Een Grutto tussen het riet

Steltlopers

Contact

Adres:
Bekijk ze hier >
Plan je route

De naam zegt het eigenlijk al, steltlopers zijn vogels met lange, dunne poten, vaak gepaard met een lang, dunne snavel. Dit maakt deze vogels bij uitstek geschikt voor drassige veenlandschappen, waar ze met hun lange snavels diep in de grond kunnen wroeten. Dit zijn de vogels die veel mensen beschouwen als de typische weidevogels. Kun jij ze allemaal vinden?

Grutto

De grutto is echt een oer-Hollandse weidevogel. Hij is in 2015 zelfs verkozen tot nationale vogel van Nederland! Hij is onmisbaar, met zijn hoge, slanke poten en lange, spitse snavel. De naam grutto komt van zijn roep; een luid en helder 'gruttooo, gruttooo'. De vogel is bruin van kleur, met een wit…

De naam zegt het eigenlijk al, steltlopers zijn vogels met lange, dunne poten, vaak gepaard met een lang, dunne snavel. Dit maakt deze vogels bij uitstek geschikt voor drassige veenlandschappen, waar ze met hun lange snavels diep in de grond kunnen wroeten. Dit zijn de vogels die veel mensen beschouwen als de typische weidevogels. Kun jij ze allemaal vinden?

Grutto

De grutto is echt een oer-Hollandse weidevogel. Hij is in 2015 zelfs verkozen tot nationale vogel van Nederland! Hij is onmisbaar, met zijn hoge, slanke poten en lange, spitse snavel. De naam grutto komt van zijn roep; een luid en helder 'gruttooo, gruttooo'. De vogel is bruin van kleur, met een witte buik. Het mannetje heeft een steenrode kleur op zijn nek en kop. De grutto zie je vaak vliegen, in het broedseizoen tijdens baltsvluchten of om hun jongen te beschermen tegen roofvogels. Als je goed kijkt zie je dan ook de buik met zwart-witte banden, de dikke witte vleugelstreep en de pootjes die aan de achterkant uitsteken. De grutto’s is het beste te zien tussen februari en juli/augustus.

Scholekster

Scholeksters zijn zwart-witte vogels op hoge poten. Ze zijn het beste te herkennen aan hun knaloranje snavel. Deze snavel is wel heel bijzonder, hij verandert namelijk van vorm! In de zomer is hij puntiger, zodat de scholekster makkelijk in de grond kan prikken naar wormen en ander voedsel. In de winter, als de scholeksters vertrekken naar het Wadden- en Deltagebied, wordt de snavel stomper. Zo kunnen ze de snavel gebruiken als beitel, om kokkels en andere schelpdieren open te kunnen breken. Vliegend is de scholekster ook te herkennen aan zijn zwart-witte staart en de witte streep over de vleugels. Of hoor je hem schel "(te-)piet!" roepen?

Tureluur

De tuureluur, met zijn lange, rood-oranje poten, is op een afstandje te herkennen. Ook aan de brede, witte achterrand van de vleugels en de oranje snavelaanzet is hij goed te zien. De naam tureluur komt ook bij deze vogel van zijn zangeluid: "tjululuu". De aantallen tureluurs zijn in de afgelopen jaren in Nederland sterk afgenomen. Ook deze vogel staat op de rode lijst van Nederlandse broedvogels. Toch zijn ze nog wel af en toe te zien in Waterland. Sommige tureluurs blijven de hele winter in het land, maar de meesten trekken toch liever naar warmere oorden. Het beste kun je deze beestjes zien tussen maart/april tot september.

Kievit

De kievit is een herkenbaar vogeltje. Met zijn kenmerkende kuif, zwart-witte verenkleed en zijn brede vleugels is hij niet te missen. Kievitmannetjes maken tijdens de balts spectaculaire buitelingen in de lucht en een herkenbaar geluid – hieraan dankt de vogel ook zijn naam. De kievit is in Nederland soms ook in de winter te vinden, maar als het te erg vriest vertrekken ze naar Engeland en Frankrijk. Je vind ze hier vooral tussen maart en oktober.

Watersnip

Sommige mensen kennen de watersnip misschien nog wel als de vogel die een tijdje op het biljet van 100 gulden heeft gestaan. Hij is goed te herkennen aan zijn lange, spitse snavel en opvallende bruin-witte strepen op zijn kop. De watersnip is een vrij zeldzame weidevogel, die ook nog eens goed beschut is door zijn kleuren. Hij is beter herkenbaar in de lucht, waar hij bij verstoring zigzaggend omhoog schiet met een schor 'skrètsj...skrètsj...' geroep. Ook zijn baltsvlucht is opvallend, hij duikt hierbij in een schuine hoek omlaag. Watersnippen komen van maart tot mei in Nederland aan, en vertrekken weer direct na broedtijd, tot diep in de winter.

Kemphaan

Helaas komt de kemphaan niet meer voor in Waterland. Met de maatregelen die nu getroffen worden om het weidevogels hier goed naar hun zin te maken, leeft de hoop dat de kemphaan uiteindelijk zijn weg naar Waterland weer terugvindt. Deze weidevogel is wel heel bijzonder. In het voorjaar is het imponeren van de vrouwtjes een waar spektakel. De mannetjes tonen dan een prachtige verentooi en houden schijngevechten op toernooiveldjes. Hopelijk kunnen we dit spel in de toekomst weer in Waterland aanschouwen.

Locatie